Home / Gevolgen uitspraak afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State over PAS (update juli 2019)

Gevolgen uitspraak afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State over PAS (update juli 2019)

Vragen over de gevolgen van de uitspraak van de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State over de PAS blijven binnenstromen. Initiatiefnemers van grote en kleine projecten verkeren daardoor in grote onzekerheid.

Hoe zat het ook weer onder de PAS?
a. Onder de 0,05: geen melding of vergunning noodzakelijk
b. Van 0,05 tot 1: voor bepaalde activiteiten een melding noodzakelijk

In een brief van 27 juni 2019 geeft de minister uitleg over de stand van zaken van de PAS voor de korte termijn. Volgens de minister wordt niet actief opgetreden tegen projecten onder a en b, als deze al zijn uitgevoerd. Het is wel de bedoeling deze in de toekomst zo veel mogelijk te legaliseren. Voor projecten onder b, die nog niet zijn uitgevoerd, dient alsnog een vergunning te worden aangevraagd. Voor projecten onder a, die nog niet zijn uitgevoerd, is dit mogelijk ook het geval. Ook voor deze projecten kan toch sprake zijn van een relevante stikstofdepositie, en dus een vergunningplicht.

Het lastige is dat Aerius Calculator voor deze projecten geen berekeningsresultaten weergeeft. Dat was onder PAS ook niet belangrijk, omdat onder deze grenswaarde geen actie benodigd was. Na de uitspraak is elke toename van stikstofdepositie weer van belang, dus ook die van 0 tot 0,05. Voor deze projecten dient allereerst te worden berekend of ze daadwerkelijk een toename van stikstofdepositie veroorzaken.

Om te weten of een vergunning daadwerkelijk nodig is, zijn de volgende stappen noodzakelijk:
1. Zorgt de activiteit daadwerkelijk voor stikstofdepositie op een Natura 2000-gebied en hoe groot is deze?
2. Is de stikstofdepositie significant, kan de extra depositie tot gevolg hebben dat de instandhoudingsdoelstellingen op termijn niet worden bereikt?
3. Als de stikstofdepositie significant is, zijn er dan mogelijkheden om de depositie te beperken?
– door intern salderen, maatregelen aan eigen bronnen waardoor de emissie afneemt, of
– door extern salderen of mitigeren, maatregelen om de emissie van andere bronnen te verminderen
– door maatregelen ín het Natura 2000-gebied (bijvoorbeeld extra maaien boven op de standaard beheersmaatregelen in het gebied)

Stappen 1 en 2 kunnen doorlopen worden in een voortoets. Stap 3 is onderdeel van de passende beoordeling die specifiek voor het project opgesteld dient te worden. Wanneer uit de passende beoordeling blijkt dat de natuurlijke kenmerken van het gebied niet worden aangetast, kan het project (met vergunning) worden uitgevoerd. Wanneer dit niet kan worden aangetoond, is het in zeer uitzonderlijke gevallen mogelijk om de ADC-toets te doorlopen. Hierbij wordt nagegaan of er geen Alternatieven mogelijk zijn voor de ontwikkeling, of de ontwikkeling nodig is vanwege een Dwingende reden van groot openbaar belang en of Compenserende maatregelen mogelijk zijn.

Voor het vinden van goede oplossingen is een combinatie van technische en juridische kennis en afstemming met het bevoegd gezag noodzakelijk.
Vragen? Neem contact met ons. Wij denken graag mee!

Dit bericht is geplaatst op 29 juli 2019

Nieuws

Lievense bundelt krachten met wereldwijd advies- en ingenieursbureau WSP

Wij zijn verheugd te kunnen mededelen dat Lievense zijn krachten heeft gebundeld met wereldwijd advies- en ingenieursbureau WSP. Met het Lees verder »

Delfland en consortium Lievense vieren succes De Groene Motor

Sinds begin 2017 voeren Hoogheemraadschap van Delfland en het consortium van Lievense, Bureau Waardenburg en WB De Ruimte gezamenlijk het Lees verder »

Lievense op Vakbeurs Openbare Ruimte

Op woensdag 2 en donderdag 3 oktober vindt de Vakbeurs Openbare Ruimte 2019 plaats in de Jaarbeurs te Utrecht. Dit Lees verder »

Verduurzaming van onze mobiliteit

Onze adviseurs en ingenieurs zijn dagelijks onderweg. Naar klanten en stakeholders, maar ook naar onze verschillende locaties in het land. Lees verder »

Meer nieuws